+31 88 988 91 00
Neem contact op
Inschrijven nieuwsbrief
Terug naar blogoverzicht

Wat is er nieuw in Azure Red Hat OpenShift 4.3?

Auteur: Haye Bohm

Microsoft heeft in samenwerking met Red Hat een nieuwe versie van Azure Red Hat OpenShift (ARO) gelanceerd. De nieuwe versie van ARO belooft veel nieuwe features die het nog makkelijker maken om oplossingen te bouwen die flexibel en schaalbaar zijn. In deze blog vertellen we je graag meer over de nieuwe versie van ARO. Met name interessant voor technisch applicatie beheerders!

Voordat we dieper ingaan op de nieuwe versie van ARO eerst een stukje basis: waarom zou je Azure Red Hat OpenShift willen gebruiken? En wat zijn de voordelen ervan voor mijn organisatie?

ARO: OpenShift as a Service
OpenShift is een containerplatform. Het biedt verschillende vormen van ondersteuning voor het draaien van containers. Een container is niks anders dan een standaard verpakking voor software, vergelijkbaar met een lichtgewicht Virtual Machine. Een OpenShift cluster bevat een willekeurig aantal fysieke machines (nodes) die elk meerdere containers kunnen draaien. Dit brengt flexibiliteit: Het is makkelijk een nieuwe container toe te voegen of te verwijderen, zonder dat er wijzigingen nodig zijn in fysieke hardware. Wat zit er dan precies in die containers? Veel! Van websites of databases tot volledige ERP-systemen. In deze blog vertellen we meer over de voordelen van een containerplatform. In een ander blog gaan we dieper in op het verschil tussen containers en virtuele machines.

Het opzetten en beheren van een OpenShift installatie kan echter nogal wat voeten in de aarde hebben. Er moet bijvoorbeeld aan aantal machines met Red Hat Enterprise Linux of CoreOS worden geïnstalleerd. Daarnaast dient het cluster in het juiste netwerk te draaien en toegang te hebben tot de benodigde resources. Een applicatie moet bijvoorbeeld bij een on-premise database kunnen of toegang hebben tot een on-premise applicatie.

Het doel van ARO is het wegnemen van een groot deel van de beheertaken van een OpenShift cluster. Microsoft installeert een ARO-cluster in Azure en draagt zorg voor het periodiek onderhoud, de beveiliging en de connectiviteit. ARO is een Azure dienst, die dus goed integreert met bestaande Azure diensten. Het verbinden met een bestaand (Azure) netwerk wordt ondersteund met bestaande Azure services zoals een Private Link.

Wat zit er in Azure Red Hat OpenShift 4.3?
De ontwikkeling van versie 4.3 heeft als hoofddoel de features die in een on-premise installatie van OpenShift 4 beschikbaar zijn ook beschikbaar te maken in een ARO-installatie. In de vorige versie van ARO zijn namelijk niet alle features aanwezig. Denk hierbij aan het beheren van Compute Nodes en het draaien van privileged containers. Naast deze nieuwe features bevat de nieuwe ARO ook een nieuw versie van Kubernetes en draaien containers op het Red Hat CoreOS in plaats van het meer algemene Red Hat Enterprise Linux. CoreOS is door RedHat specifiek ontwikkeld voor Cloud-omgevingen.

Nieuwe look!
Het eerste wat je zal opvallen is de nieuwe interface in de browser. ARO 4.3 bevat de nieuwe web console die eenvoudiger is in gebruik. Het is nu met name makkelijker om verschillende projecten te beheren, zonder dat je vaak moet wisselen.

Privileged Containers
ARO ondersteunt nu het draaien van pods in privileged mode. Containers die binnen deze pods draaien, kunnen dan bijvoorbeeld draaien als een specifieke gebruiker in plaats van een anonieme gebruiker. Dit geeft onder andere ook toegang tot het bestandssysteem van de Compute Node waar de pod op draait. Deze features ondersteunen onder meer het draaien van legacy applicaties die niet makkelijk aangepast kunnen worden om cloud native te zijn.

Compute Nodes Beheren
Nieuw is de mogelijkheid om Compute Nodes uitgebreider te beheren. In ARO 3.11 kun je slechts het aantal nodes specificeren. Het is nu mogelijk om onder andere Compute Nodes te herstarten, uit te schakelen en af te schalen. Hiermee hebben cluster administrators meer controle over de kosten van een ARO-cluster.

Dit stelt cluster administrators ook in staat een node een label te geven, zodat bepaalde applicaties altijd op een specifieke set nodes draait. Handig als je een applicatie draait die een snelle processor nodig heeft of een machine met een GPU, maar andere applicaties dat niet nodig hebben. Met een label zorg je ervoor dat aangegeven applicaties alleen op gelabelde nodes kunnen draaien. Hiermee voorkom je dat je alle nodes in het cluster moet uitrusten met dure hardware, terwijl je er eigenlijk maar een aantal nodig hebt.

Operators en Custom Resource Definitions
Eén van de nieuwe features die het verschil tussen ARO en OpenShift kleiner maakt, is de implementatie van het Operator Framework en de nauw-verwante Custom Resource Definitions. Een operator is vergelijkbaar met een deployment omdat het over het algemeen software ter beschikking stelt binnen een project. Een operator is echter veel flexibeler: niet alleen het uitvoeren van een deployment is mogelijk, maar bijvoorbeeld ook het back-uppen en migreren van een database of het installeren van beveiligingsupdates. Met andere woorden: een operator voert werkzaamheden uit die normaal gesproken door een beheerder gedaan worden.

Een flink aantal software leveranciers biedt inmiddels hun software aan als operator. Red Hat biedt zelf bijvoorbeeld Prometheus aan als operator om het installeren van monitoring in het hele OpenShift cluster makkelijker te maken.

VINCI Energies en ARO 4.3
Axians implementeert bij VINCI Energies NL ARO 4.3. Binnenkort lees je hier meer over. Heb je na het lezen van deze blog vragen of ben je benieuwd of ARO iets voor jouw organisatie is? Neem contact met ons op via danielle.vanboxtel@axians.com. Meer info vind je op onze website.

Powered by